Acetazolamide

Would you like to read this information again? Use the following options:

Alles over Acetazolamide

Powered by: KNMP logo
  • Introductie

    Acetozolamide
    De werkzame stof in Acetazolamide is acetazolamide.

    Acetazolamide heeft effect op de hoeveelheid water en zouten in het lichaam.

    Artsen schrijven acetazolamide voor bij een verhoogde oogboldruk (glaucoom), vasthouden van vocht (oedeem), hoogteziekte, epilepsie en slaap-apneu (stokken van de adem tijdens de slaap).

  • Bijwerkingen

    Behalve het gewenste effect kan dit medicijn bijwerkingen geven.

    De belangrijkste bijwerkingen zijn de volgende.

    Zeer zelden

    • Dorst, meer en vaker moeten plassen.
    • Smaakveranderingen. Blijft u hier last van houden? Neem dan contact op met uw arts.
    • Zenuw- en spieraandoeningen, zoals tintelingen, een doof gevoel in armen of benen of spierzwakte. Dit treedt vooral op bij hoge doseringen (bijvoorbeeld 1000 mg per dag). Raadpleeg bij deze verschijnselen uw arts.
    • Mensen met de spierziekte myasthenia gravis kunnen extra last krijgen van hun ziekte, zoals dubbelzien en hangen van het bovenste ooglid. Als u merkt dat u hier last van hebt, neem dan contact op met uw arts.
    • Maagdarmklachten, zoals misselijkheid, braken, diarree, minder eetlust en gewichtsverlies. Meestal helpt het als u het medicijn met wat voedsel of na het eten inneemt. Blijft u er ook na enige dagen last van houden? Neem dan contact op met uw arts.
    • Stemmingsveranderingen, zoals verwarring, gejaagdheid of depressiviteit. Neem contact op met uw arts als u dit merkt.
    • Vermoeidheid, hoofdpijn en duizeligheid.
    • Tekort aan kalium, een bepaalde stof in het bloed. U merkt dit het eerst aan spierzwakte, spierkramp of spierpijn meestal eerst te merken in de bovenbenen en armen, ernstige vermoeidheid, hartkloppingen of heftige buikklachten. Als u last heeft van deze klachten, ga dan naar uw arts. Als dit kaliumtekort ontstaat is dat meestal in de eerste twee weken van de behandeling.
    • Slaperigheid, sufheid en blozen.
    • Minder zin in vrijen en overgevoeligheid voor zonlicht. Neem contact op met uw arts als u hier last van heeft.
    • Slecht in de verte kunnen zien (bijziendheid). Bij een lagere dosering of als u stopt met het gebruik van dit medicijn gaat dit weer over. Heeft u hier veel hinder van? Overleg dan met uw arts.
    • Oorsuizingen en een verminderd gehoor. Raadpleeg uw arts als u dit bemerkt.
    • Bloedafwijkingen of een verminderde werking van de lever. Waarschuw direct een arts bij plotselinge hevige pijn in bovenbuik, geelzucht, onverklaarbare blauwe plekken, extreme vermoeidheid of keelpijn met koorts en blaren in de keel.
    • Overgevoeligheid voor dit medicijn. U merkt dit aan jeukende huiduitslag, koorts of galbulten. In zeldzame gevallen ontstaat er benauwdheid, flauwvallen, blaren op de huid of een gezwollen gezicht of keel. Stop bij klachten die wijzen op overgevoeligheid met het gebruik en waarschuw een arts. U mag dit medicijn in de toekomst niet meer gebruiken. Geef daarom aan de apotheker door dat u overgevoelig bent voor acetazolamide. Het apotheekteam kan er dan op letten dat u het medicijn niet opnieuw krijgt. Kreeg u ooit eerder een allergische reactie van een antibioticum van het sulfonamide-type (sulfadiazine, sulfafurazolsulfamethizol, sulfamethoxazol of cotrimoxazol)? Begin dan niet direct met dit medicijn, maar raadpleeg eerst uw arts of apotheker. Het kan zijn dat u een ander medicijn moet gebruiken.
    • Nierstenen en gruis of bloed in de urine. Raadpleeg uw arts, vooral bij pijn bovenin de rug en bij pijn tijdens plassen.
    • Veranderingen in uw bloedglucosegehalte. Controleer daarom vaker uw bloedglucosegehalte als u diabetes heeft.
    • Ernstige veranderingen in het bloed (een metabole acidose). Dit kan optreden als u een hoge dosering gebruikt of als u dit medicijn langdurig moet gebruiken. Mensen met slechtwerkende nieren, lever, hart of longen hebben meer kans op deze bijwerking en moeten voorzichtig zijn met dit medicijn. De verschijnselen van een metabole acidose treden heel snel op en zijn misselijkheid, braken, diarree, buikpijn, snelle ademhaling en bewustzijnsverlies. Neem bij deze verschijnselen onmiddellijk contact op met een arts.
    • Zwarte ontlasting of stuipen. Neem in deze gevallen meteen contact op met uw arts.

    Raadpleeg uw arts als u te veel last heeft van één van de bovengenoemde bijwerkingen of als u andere bijwerkingen ervaart waar u zich zorgen over maakt.

  • Gebruik

    Kijk voor de juiste dosering altijd op het etiket van de apotheek.

    Hoe?
    Neem de tabletten in met een half glas water.

    Wanneer?

    • Neemt u dit middel eenmaal per dag? Neem het dan 's ochtends in, zodat u niet 's nachts uit bed moet om te plassen.
    • Als u dit medicijn tweemaal per dag inneemt, neem de laatste dosering voor zes uur ’s avonds in, zodat u niet 's nachts uit bed moet om te plassen.
    • Veroorzaken de tabletten maagklachten bij u? Dan kunt u ze het beste na een maaltijd innemen.
    • Om hoogteziekte te voorkomen: begin met innemen een dag voor het verblijf op grote hoogte. Probeer het middel voorafgaand aan de reis enkele keren om te zien hoe u erop reageert.

    Hoe lang?

    • Epilepsie of slaap-apneu: uw arts bepaalt hoe lang u dit medicijn moet gebruiken. Dat hangt af van de aandoening waarvoor u dit medicijn slikt en van de resultaten. Het kan zijn dat de dosering tussentijds wordt aangepast. Verander in elk geval nooit zelf de dosering!
    • Hoogteziekte: ga door met slikken tot 2 dagen na het bereiken van de maximale hoogte, of tot u het gevoel heeft dat uw lichaam zich aan de hoogte heeft aangepast.
    • Glaucoom (verhoogde oogboldruk): de behandeling is tijdelijk. Vaak gebruikt u het tot aan de operatie.
    • Vochtophoping (oedeem): meestal moet u het medicijn 2 dagen gebruiken, waarna u het 1 dag niet slikt. Als u het continu slikt neemt de werking na verloop van tijd af.
  • Vergeten

    Het is belangrijk dit medicijn consequent in te nemen. Mocht u toch een dosis vergeten hebben, neem deze dan zo snel mogelijk in. Behalve als het bijna tijd is voor de volgende dosis. U kunt daarbij de volgende richtlijn gebruiken.

    • Als u dit medicijn één keer per dag gebruikt: duurt het nog meer dan acht uur voor u de volgende dosis normaal inneemt? Neem de vergeten dosis dan alsnog in. Duurt het nog minder dan acht uur? Sla de vergeten dosis dan over.
    • Als u dit medicijn twee keer per dag gebruikt: duurt het nog meer dan vier uur voor u de volgende dosis normaal inneemt? Neem de vergeten dosis dan alsnog in. Duurt het nog minder dan vier uur? Sla de vergeten dosis dan over.
  • Verboden

    autorijden?
    Let op: als u epilepsie heeft, mag u vaak niet autorijden. Of u mag autorijden, hangt af van bepaalde keuringseisen. Overleg hierover met uw arts. Ook is er een brochure ‘Epilepsie en rijgeschiktheid’ van het Epilepsiefonds. Ook slaapapneu kan een reden zijn dat u niet mag autorijden. Overleg met uw arts of dat bij u het geval is. Wilt u meer informatie over autorijden bij bepaalde aandoeningen? Kijk dan op de website van het CBR.

    Heeft uw arts bepaald dat u met uw aandoening mag autorijden? Ook acetazolamide heeft invloed op uw rijvaardigheid. Het kan gevaarlijk zijn aan het verkeer deel te nemen als u dit medicijn gebruikt. Dit komt door bijwerkingen, zoals duizeligheid, slaperigheid en vermoeidheid. U mag de eerste week dat u dit medicijn gebruikt niet autorijden. Na een week zijn de meeste mensen voldoende gewend geraakt aan de effecten. U mag dan weer autorijden. Maar doe dat alleen als u geen last meer heeft van de bijwerkingen.

    Voor meer algemene informatie kunt u het thema ‘Medicijnen in het verkeer’ lezen. In dit thema leest u bijvoorbeeld wat de wet zegt over medicijnen in het verkeer. Ook vindt u adviezen waarmee u rekening moet houden als u wel (weer) mag autorijden.

    alcohol drinken?
    Alcohol kan de bijwerkingen duizeligheid en sufheid versterken. Houd hier rekening mee.

    alles eten?
    Bij dit medicijn zijn hiervoor geen beperkingen.

  • Wisselwerking

    Dit medicijn heeft wisselwerkingen met andere medicijnen.

    In de tekst hieronder staan alleen de werkzame stoffen van deze medicijnen, dus niet de merknamen. Of uw medicijn een van die werkzame stoffen bevat, kunt u nagaan in uw bijsluiter onder het kopje ‘samenstelling’.

    De medicijnen waarmee de belangrijkste wisselwerkingen optreden, zijn de volgende.

    • Plastabletten, zoals bumetanide, chloortalidon, chloorthiazide, furosemide, hydrochloorthiazide, indapamide. Deze medicijnen geven samen met acetazolamide een grote kans op kaliumtekort. U merkt dit het eerst aan spierzwakte, spierkramp of spierpijn, meestal het eerst in de bovenbenen en armen, ernstige vermoeidheid, hartkloppingen, heftige buikklachten. Ga naar de arts als u hier last van heeft. Uw arts kan uit voorzorg een medicijn voorschrijven dat het kaliumverlies tegengaat (amiloride of triamtereen) of dat het kaliumtekort aanvult (kaliumchloride).
    • Acetylsalicylzuur of carbasalaatcalcium, een pijnstiller en ontstekingsremmer, en in lage doseringen een medicijn tegen bloedstolsels. Deze wisselwerking geldt alleen bij hoge doseringen, zoals gebruikt in de pijnstiller. In combinatie met acetazolamide kunnen de bijwerkingen van beide medicijnen sterker zijn. Gebruik daarom geen acetylsalicylzuur of carbasalaatcalcium als pijnstiller zonder recept. Overleg met uw apotheker of arts als u een van deze medicijnen voorgeschreven heeft gekregen.
    • Kinidine, een medicijn gebruikt bij bepaalde hartritmestoornissen. Door acetazolamide kan de hoeveelheid kinidine in het bloed stijgen. Hierdoor zijn de bijwerkingen sterker. Raadpleeg uw arts als u deze combinatie voorgeschreven heeft gekregen.

    Twijfelt u eraan of een van de bovenstaande wisselwerkingen voor u van belang is? Neem dan contact op met uw apotheker of arts.

  • Zwangerschap

    Zwangerschap
    Gebruik dit medicijn NIET als u zwanger bent of binnenkort zwanger wilt worden. Over het gebruik van dit medicijn tijdens de zwangerschap is nog te weinig bekend.

    Gebruikt u dit medicijn al, meld dan aan uw arts als u binnenkort zwanger wilt worden of dat u zwanger bent.

    Borstvoeding
    Wilt u borstvoeding geven, overleg dan met uw arts. Dit medicijn komt in de moedermelk. Het is niet bekend of dit schadelijk voor de baby is. Mogelijk kan de arts u (tijdelijk) een ander medicijn voorschrijven, waarvan wel bekend is dat u het veilig kunt gebruiken.

  • Stoppen

    Overleg met uw arts of u in een keer met dit medicijn kunt stoppen.

    Bij epilepsie kunt u niet in een keer stoppen met dit medicijn. U heeft dan kans op een epileptische aanval. Stop geleidelijk, in overleg met uw arts. Ook een overstap op een ander epilepsiemedicijn moet geleidelijk plaatsvinden. Overleg hierover met uw arts.

  • Handelsinformatie

    Acetazolamide is sinds 1954 internationaal op de markt. Het is op recept verkrijgbaar in tabletten onder de merknaam Diamox en als het merkloze Acetazolamide.

    Het is ook verkrijgbaar in injecties. Deze tekst gaat alleen over de tabletten.

Laatst gewijzigd op: 17 december 2013

Herhaalrecept

Gebruikt u Acetazolamide? Via deze website kunt u een herhaalrecept aanvragen

Gerelateerde videos

Glaucoom

In het oog bevinden zich twee holten, of kamers, die met vloeistof zijn gevuld. De oogvloeistof zorgt ervoor dat de druk in het oog op peil blijft, zodat de vorm van het oog onveranderd blijft. Deze vloeistof is glashelder en waterig, en bevindt zich in de voorste oogkamer. De achterste oogkamer, die wat groter is, is gevuld met een dikke, stroperige vloeistof. Dit wordt glaslichaam genoemd.

De heldere waterige oogvloeistof in de voorste oogkamer wordt kamervocht genoemd. Deze vloeistof stroomt door de oogkamer en wordt dus voortdurend ververst. Deze vloeistof wordt dicht bij de lens aangemaakt, stroomt naar de voorste oogkamer en wordt dan via een klein afvoerkanaaltje naar het vaatstelsel afgevoerd.

Glaucoom, een veel voorkomende oorzaak van blindheid, is een ziekte die de afvoer van het kamervocht aantast. Daardoor neemt de druk in het oog toe. Glaucoom kent vele soorten en oorzaken. Glaucoom heeft twee verschijningsvormen: een sponsachtig netwerk dat de oogvloeistof filtert wordt samengedrukt, waardoor de instroom van de vloeistof in het afvoerkanaaltje wordt belemmerd, of de kanaalopening wordt door de iris geblokkeerd.

In beide gevallen wordt door ophoping van vocht in het oog de druk op de achterkant van het oog verhoogd, en daardoor wordt de optische zenuw beschadigd. Deze zenuw zorgt voor doorzending van beelden naar de hersenen. Na verloop van tijd kan de verhoogde druk blinde vlekken en zelfs totale blindheid veroorzaken. De voortgang van de ziekte kan door geschikte medische behandeling worden stopgezet of vertraagd, maar verloren gegaan gezichtsvermogen kan niet worden hersteld.

Glaucoom

In het oog bevinden zich twee holten, of kamers, die met vloeistof zijn gevuld. De oogvloeistof zorgt ervoor dat de druk in het oog op peil blijft, zodat de vorm…

In het oog bevinden zich twee holten, of kamers, die met vloeistof zijn gevuld. De oogvloeistof zorgt ervoor dat de druk in het oog op peil blijft, zodat de vorm van het oog onveranderd blijft. Deze vloeistof is glashelder en waterig, en bevindt zich in de voorste oogkamer. De achterste oogkamer, die wat groter is, is gevuld met een dikke, stroperige vloeistof. Dit wordt glaslichaam genoemd.

De heldere waterige oogvloeistof in de voorste oogkamer wordt kamervocht genoemd. Deze vloeistof stroomt door de oogkamer en wordt dus voortdurend ververst. Deze vloeistof wordt dicht bij de lens aangemaakt, stroomt naar de voorste oogkamer en wordt dan via een klein afvoerkanaaltje naar het vaatstelsel afgevoerd.

Glaucoom, een veel voorkomende oorzaak van blindheid, is een ziekte die de afvoer van het kamervocht aantast. Daardoor neemt de druk in het oog toe. Glaucoom kent vele soorten en oorzaken. Glaucoom heeft twee verschijningsvormen: een sponsachtig netwerk dat de oogvloeistof filtert wordt samengedrukt, waardoor de instroom van de vloeistof in het afvoerkanaaltje wordt belemmerd, of de kanaalopening wordt door de iris geblokkeerd.

In beide gevallen wordt door ophoping van vocht in het oog de druk op de achterkant van het oog verhoogd, en daardoor wordt de optische zenuw beschadigd. Deze zenuw zorgt voor doorzending van beelden naar de hersenen. Na verloop van tijd kan de verhoogde druk blinde vlekken en zelfs totale blindheid veroorzaken. De voortgang van de ziekte kan door geschikte medische behandeling worden stopgezet of vertraagd, maar verloren gegaan gezichtsvermogen kan niet worden hersteld.

Bekijk video

Epilepsie

Epilepsie is een stoornis die gepaard gaat met aanvallen; er treedt een plotselinge, tijdelijke verandering op in het functioneren van de hersenen. Gezonde hersenen bestaan uit miljoenen onderling verbonden zenuwcellen,…

Epilepsie is een stoornis die gepaard gaat met aanvallen; er treedt een plotselinge, tijdelijke verandering op in het functioneren van de hersenen. Gezonde hersenen bestaan uit miljoenen onderling verbonden zenuwcellen, de neuronen. Deze cellen communiceren voortdurend met elkaar, door het uitwisselen van signalen via tentakelachtige verbindingen, de zg. axonen en dendrieten.

Neuronen wekken in normale toestand meer dan 80 impulsen per seconde op. Tijdens een epileptische aanval kan de frequentie oplopen tot meer dan 500 impulsen per seconde. Een epileptische aanval kan zich uiten in een black-out, onvrijwillige reflexbewegingen van armen en benen en vertekende waarnemingen. Wanneer de impulssnelheid weer terugkeert naar het normale niveau, is de aanval voorbij. De patiënt is meestal extreem vermoeid.

Er zijn veel verschillende vormen van epilepsie en de behandeling is afhankelijk van de diagnose. Epilepsie kan een levenslange aandoening zijn, en er kunnen zich ernstige complicaties voordoen. Mensen met epilepsie moeten door een arts worden behandeld en gecontroleerd.

Bekijk video

Meld bijwerkingen

Een paar minuten van uw tijd kan een leven redden.

Omdat niet alle bijwerkingen bekend zijn op het moment dat een geneesmiddel of een vaccin op de markt wordt gebracht, zijn meldingen uit de praktijk onmisbaar voor een veilig geneesmiddelgebruik.

Lareb verzamelt alle bijwerkingen van geneesmiddelen en vaccins in Nederland. Daardoor valt het snel op als een bijwerking vaak voorkomt. Dit systeem werkt alleen als er zoveel mogelijk bijwerkingen gemeld worden door zorgverleners, apothekers en patiënten.

Uw melding is dus belangrijk om geneesmiddelen nog veiliger te maken!

Meld bijwerkingen